HET ONTSTAAN VAN TONEELVERENIGING KPJ-SOS::
In 1946 werd in Soerendonk het Katholieke thuisfront opgericht. Het doel van deze stichting was het bijeenbrengen van geld om de Soerendonkse soldaten die in Nederlands Indië verbleven met kerstmis een pakket te kunnen bezorgen. Eén van de middelen om geld in te zamelen was het opvoeren van een toneelstuk. Dit gebeurde onder de naam S.O.S. (Steun Ons Streven).
Naast “Ben speelt het klaar, “Zuster Annunciata”, “Een Pierrot treedt op” en “Nacht en morgen” werden er nog een zevental andere titels opgevoerd. In 1962 werd het toneelspel “De weg was lang” aangekocht, maar dit werd door gebrek aan spelers nooit uitgevoerd. Hierna was S.O.S. een “rustende” vereniging.
In 1929 werd in Soerendonk de Rooms Katholieke Jonge Boerstand (R.K.J.B.) opgericht. Naast cursussen op agrarisch en sociaal-maatschappelijk gebied, werd er ook aandacht geschonken aan culturele vorming. In 1946 werd door de R.K.J.B. voor het eerst een avondvullend toneelspel opgevoerd en in de daarop volgende jaren werd “het toneel”een vast onderdeel van het jaarprogramma. Zo kreeg, in de loop van de jaren, ”de toneelclub” haar eigen identiteit.
In de beginjaren van het toneel, moest elk toneelstuk vooraf goedgekeurd worden door de Geestelijke Adviseur. In die tijd was gemengd toneel 9met de leden van de Rooms Katholieke Jonge Boerinnen) uit den boze. Dit wordt duidelijk uit de volgende anekdote:
In 1952 zouden de Rooms Katholieke Jonge Boeren en Boerinnen een toneelstuk ten uitvoer brengen op de jaarlijkse feestavond. Hiervoor gaf de Geestelijke Adviseur echter 2 uur voor aanvang geen toestemming.
Wiel Peerlings (oud speler/regisseur) moest toen (per fiets) naar de Deken van Heeze om, schriftelijk, toestemming te vragen. En wonder boven wonder, een kwartier voor de uitvoering was de toestemming geregeld.
In 1966 ontstond, na een toneeluitvoering, een discussie tussen spelers en (toenmalig) raadslid A. de Smet over het gemeentelijke subsidiebeleid. De spelers waren het er niet mee eens dat zustervereniging St. Nicolaas jaarlijks subsidie ontving en zij niet. Hierop adviseerde de heer de Smet hen om van de toneelclub een aparte vereniging te maken.
En zo werd in overleg met de rustende vereniging S.O.S. in 1967 de nieuwe toneelvereniging KPJ-SOS geboren.
|